© Copyright: Theo van de Poll, 2016
Micrometer
Lijntester
Leaderplank
Pennetjes
Knopenplankje
Elastiek met paperclip
Dremel
Klein smirna naaldje of boillie naald
Dubbing naald
Schaartje
Ballpoint of halve steken legger
Staafje
Gewicht met paperclip

De micrometer.

Met een micrometer kun je de diameter van je nylon tot op een honderdste millimeter nauwkeurig opmeten, en is eigenlijk je belangrijkste stuk gereedschap.
Het gebeurt namelijk regelmatig dat de door de fabrikant opgegeven diameter van een nylon draad in meer of mindere mate afwijkt van de werkelijkheid. Je moet echt niet raar opkijken als een draad welke als 0.10mm verkocht wordt in werkelijkheid 0.13mm is.
Natuurlijk is er met afmetingen van nylon een bepaalde tolerantie toegestaan maar een afwijking van 30% is wel erg veel. Ik heb trouwens nog nooit meegemaakt dat een draad dunner is dan aangegeven.
Voor een enkele draad zal dit misschien minder uitmaken maar als je de butt van een leader maakt van 20, 24 of 28 draden is het verschil met wat je eigenlijk wilt hebben wel erg groot. Als je de exacte diameter van de te gebruiken draad weet kun je het wikkelschema hierop aanpassen.
Meten is weten! Altijd je basismateriaal nameten.

Naar boven

De lijntester.

Om de treksterkte van je basismateriaal te controleren kun je gebruik maken van een lijntester. Met deze lijntester kun je vaststellen of de tippet van je leader aan de gewenste treksterkte voldoet. Ook kun je de treksterkte van je basismateriaal controleren.
Met zo'n tester kun je ook de knoopsterkte van de door jouw gebruikte knopen nameten en bepalen wat de beste knoop is. Ook kun je de invloed van een “windknoopje” op de trekkracht van je nylon nameten.

Naar boven

De leaderplank.

Om de leaders te maken heb je natuurlijk een plank nodig met daarin de gaten voor de pennetjes.
In het originele schema van Hans wordt gebruik gemaakt van een plank van ongeveer 6 meter lengte. Omdat ik geen plaats heb om een 6 meter lange plank in mijn woonkamer op tafel te leggen, heb ik de plank “dubbelgevouwen”.
Dit betekent niet dat ik minder ruimte nodig heb om de leader te maken, maar nu hoef ik niet telkens over de grond te kruipen.
Zelf gebruik ik pennetjes van 8 mm (zie onderstaand). De gaten zijn geboord met een houtboor 8mm. De gaten dienen niet geheel door de plank geboord te worden daar de pennetjes er anders door kunnen vallen.
Klik HIER om een .pdf bestand (Adobe Acrobat 7.0 of hoger) te downloaden van de tekening van de plank zoals ik die gebruik

Als we de plank even nader bekijken zie je van rechts naar links diverse groepen bij elkaar horende gaten.
Eerst komen de twee gaten welke op 60 mm vanaf het uiteinde geboord zijn. Deze maken samen het keerpunt van het schema, de uiteindelijke tippet van de leader.
Vervolgens zie je:

  • Een groep van 2x3 gaten, beginnende op 150 mm vanaf het uiteinde.
  • Een groep van 2x6 gaten, beginnende op 220 mm vanaf het uiteinde.
  • Een groep van 2x6 gaten, beginnende op 300 mm vanaf het uiteinde.
  • Een groep van 2x6 gaten, beginnende op 380 mm vanaf het uiteinde.
  • Een groep van 2x6 gaten, beginnende op 460 mm vanaf het uiteinde.
  • Een groep van 2x6 gaten, beginnende op 860 mm vanaf het uiteinde.
  • Een groep van 2x6 gaten, beginnende op 1660 mm vanaf het uiteinde.
  • Ten slotte eindig je met twee gaten op 2810 mm vanaf het uiteinde.
De afstanden van de groepen zijn zodanig opgezet dat de uiteindelijke leader een opbouw krijgt volgens de Rafale formule (60% dik, 20% verloop, 20% tippet).

Naar boven

De pennetjes.

 
 
De pennetjes welke ik gebruik zijn gemaakt uit 8 mm rond aluminium, zijn ongeveer 70 mm lang en hebben bovenaan een inkeping waar je de draad tijdens het opbouwen van de leader inlegt. Dit om te voorkomen dat de draadjes onbedoeld van de pennetjes glijden.
Deze pennetjes kun je ook maken van rond hout welke je in een boormachine klemt en hier met een vijl een randje in maakt. Wel even met een schuurpapiertje netjes glad maken om te voorkomen dat je de draad stuk snijd aan een braampje.

 
 
Je hebt iets nodig om het begin van de draad even vast te houden.
Hiervoor gebruik ik een pennetje van 8 mm rond waar een stukje rubberen gasslang omgeschoven is.
De binnendiameter van de gasslang is zodanig dat deze strak om het pennetje past. In de gasslang heb ik een inkeping gemaakt waar de draad in vastgezet kan worden.

 
Naar boven

Het knopenplankje.

 
 
In de leader komt maar één knoop te zitten.
Dit komt omdat de opbouw zodanig is dat je uiteindelijk het begin en het einde van de draad bij elkaar krijgt en je dus maar één knoop hoeft te leggen om de cirkel te sluiten.
Omdat de draad onder spanning staat heb je iets nodig dat de beide, aan elkaar te knopen, draden even voor je vasthoud. Hiervoor gebruik ik een zgn knopenplankje.
Ik heb hiervoor weer pennetjes gebruikt waar eenzelfde rubberen gasslang over geschoven is als bij het “vasthoud pennetje”. In een plankje heb ik 2 x 2 gaten van 8 mm geboord die iets schuin naar elkaar toe lopen. Deze afstand tussen de gaten is zodanig geboord dat het rubber dat om de pennetjes zit, onderaan strak tegen elkaar zit, zodat je de draad tussen het rubber vast kunt klemmen.

Naar boven

Elastiek met paperclip.

 
 
Het elastiek met paperclip is bedoeld om, als we de leader van de plank halen, deze op spanning te kunnen houden.
Hiervoor maak ik gebruik van stukken zogenaamd “onderbroeken” elastiek, elk van ongeveer 40 cm lang. Dit stuk elastiek sla ik dubbel en leg er aan het uiteinde een knoop in. Nu leg ik er op verschillende afstanden nog wat knopen in om lussen van verschillende grootte te krijgen.
Aan een kant haak ik er een grote paperclip in.

Naar boven

Dremel.

 
 
Om de draden in elkaar te laten draaien dienen er eerst voldoende slagen in de draad te komen. Deze slagen kun je er natuurlijk met een handboormachine in leggen. Om het proces wat te versnellen kun je ook gebruik maken van een elektrische boormachine. Hiervoor gebruik ik zelf een dremel boormachine welke ik instel op een toerental van 15.000 n/min.

Naar boven

Klein smirna naaldje of boillie naald.

 
 
Om het lusje in de butt van de leader te maken en om het tippetringetje te bevestigen maak ik gebruik van een klein smirna naaldje (handwerk winkel).
Je kunt hier ook een boillie naald voor gebruiken. Let er wel even op dat er geen scherpe randjes aan het naaldje zitten.

Naar boven

Dubbing naald.

 
 
Om de bundel nylon draden te splitsen gebruik ik een dubbing naald.

Naar boven

Schaartje.

 
 
Een schaartje kan natuurlijk niet ontbreken.

Naar boven

Ballpoint of halve steken legger.

 
 
Om het lusje in de butt van de leader in model te brengen gebruik ik een ballpoint. Je kunt hier ook een halve steken legger o.i.d. voor gebruiken.

Naar boven

Staafje.

 
 
Na het vastleggen van beide draden in het knopenplankje heb je een staafje nodig welke je tussen de beide draden kunt steken. Hiermee kun je deze draden rond draaien om zodoende een bloedknoop te kunnen maken.
Het staafje dat ik gebruik, is de steel van een wattenstaafje.

Naar boven

Gewicht met paperclip.

 
 
Als je na het opdraaien van de nylon, de bundels tegen elkaar legt om deze in elkaar terug te laten draaien moet je in het midden een gewicht hangen om de draad op spanning te houden. Aan dit gewicht heb ik een paperclip bevestigd, waardoor je een mooi klein oogje in je leader krijgt.

Naar boven